De jaren tot en met 1945

Voetbalvereniging Uithoudingsvermogen Door Oefening (v.v. UDO) is opgericht op 2 september 1938 door ongeveer 20 leden die in Oegstgeest wilden voetballen. Het elftal werd ingedeeld in de derde klasse van de Diocesane Haarlemse Voetbalbond (D.H.V.B.). Er werd gespeeld op een terrein naast de Rooms-Katholieke school (de Willibrordschool). Als kleedruimten dienden een stal en een ruimte onder het Patronaatsgebouw. Na afloop van de wedstrijd wassen deed men in de sloot, wat in die jaren overigens niet ongebruikelijk was.

Bij de mobilisatie in 1939, vlak voor de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werden Nederlandse militairen ondergebracht in de school en in het Patronaatsgebouw. Op het speelveld werd een loods gebouwd, zodat voetballen niet langer mogelijk was. Hulp werd geboden door S.C.O. (het huidige v.v. Oegstgeest) dat op een terrein aan de Hofdijck speelde. Hier werd twee seizoenen gespeeld. Bij aanvang van de competitie van het seizoen 1941-1942 vaardigden de Duitse bezetters een verordening uit dat er een bord geplaatst moest worden met het opschrift "Voor joden verboden toegang". Het bestuur van v.v. UDO weigerde hieraan mee te werken, met als gevolg dat de vereniging moest stoppen met de actieve voetbalsport.

De jaren 1945 - 1955

Direct na de Tweede Wereldoorlog werd de vereniging opnieuw opgestart. Met veel moeite was het terrein naast de school weer bespeelbaar gemaakt en kon de competitie beginnen. Het kostte in die tijd ontzettend veel moeite om aan voetbalschoenen, shirtjes of doelpalen te komen.

De vereniging maakte een tijd van sterke groei door. Ook kwamen er jeugdelftallen die al vrij snel op hoog nieveau voetbalden. De A-junioren bijvoorbeeld voetbalden in het seizoen 1949-1950 al in de hoogste klasse. Al snel werd UDO toegelaten tot de afdeling Leiden van de KNVB. Deze organisatie kon het niet langer toestaan dat er voetbal werd gespeeld op een terrein van dergelijke afmetingen als naast de school. Door de fundering van een gaarkeuken was het niet mogelijk het veld de gebruikelijke afmetingen te geven. Er werd uitgeweken naar het terrein van dethans niet meer bestaande voetbalvereniging "Morskwartier" langs de rijksweg. Daar speelden op één terrein drie verenigingen: Morskwartier, het inmiddels onder de naam vv Oegstgeest heropgerichte S.C.O. en vv UDO. De jeugdwedstrijden tot 14 jaar konden nog op het terrein naast de school worden gespeeld.

In 1954 lukte het om de funderingen van de gaarkeuken te laten verwijderen. Vanaf dat moment kon vv UDO weer op eigen terrein voetballen. Dit had blijkbaar zo'n positieve invloed dat zowel UDO 1 als UDO 2 het daaropvolgende seizoen meteen kampioen werden in hun klasse.

De jaren 1956 - 1966

Opnieuw kwam er een ernstige tegenslag. De bouw van twee extra leslokalen aan de Willibrordschool verjoeg UDO weer van het terrein naast de school. Zelfs de jeugd teams konden er niet blijven spelen. De gemeente Oegstgeest had begrip voor de moeilijke situatie waarin zowel vv Oegstgeest als vv UDO verkeerden. Op korte termijn was een sportcomplex niet realiseerbaar. Voorlopig werd een terrein opgeleverd op de hoek van de Laan van Alkemade en de Laan van Oud Poelgeest, dat in ieder geval voor de eerste jaren een tijdelijke oplossing bood. De jeugdelftallen konden bij wijze van noodoplossing voetballen bij KRV in Katwijk en bij Warmunda in Warmond.

Het aantal leden was in het seizoen 1959-1960 almaar gestegen. In dat seizoen deden vier seniorelftallen, twee aspirantelftallen en twee juniorenelftallen aan de competitie deel. Bovendien deden de eerste pupillen (10-12) hun intrede in de vereniging. De gemeente Oegstgeest wees langs de Piet Heinlaan een stuk grond aan, dat tijdelijk als jeugdterrein dienst kon doen.

Vanwege de aanwas van vooral jeugd leden nam het bestuur het besluit een Jeugdcommissie in het leven te roepen. Met twee junioren teams, drie aspirant teams en twee pupillen teams was het terrein aan de Piet Heinlaan overvol. In het seizoen 1960-1961 werd UDO 1 in een beslissingswedstrijd tegen Teylingen 1 kampioen in de tweede klasse van de afdeling Leiden van de KNVB en promoveerde naar de eerste klasse. In dat seizoen gingen de jeugdelftallen voor het eerst ook "gemengd" spelen, dat wil zeggen dat rooms-katholieke en andere verenigingen elkaars tegenstander konden zijn. Bij de senioren was dit al eerder gebeurd na de fusie van de DHVB en de KNVB.

Door het steeds maar toenemende aantal leden moest uiteindelijk toch een oplossing worden gevonden. Het aantal terreinen in de gemeente was ruimschoots onvoldoende. Door de inmiddels ingestelde Sportraad (het adviescollege van de gemeente Oegstgeest dat overigens nog steeds bestaat) werd dit telkenmale aan de orde gesteld. Uiteindelijk wer er in 1964 een begin gemaakt met een sportcomplex achter de voormalige boerderij van Heemskerk. Het bevatte drie speelvelden, zes kleedkamers en een kantine. Zowel vv Oegstgeest (op zaterdag) en vv UDO (op zondag) maakten van het sportpark "De Voscuyl" gebruik. In de laatste thuiswedstrijd van het seizoen 1965-1966 op het splinternieuwe sportpark werd UDO 1 wederom kampioen in de tweede klasse van de KNVB afdeling Leiden.

De jaren 1966 - 1976

In de jaren 1967 tot en met 1969 liep het aantal leden op tot 250. Er werd gespeeld met acht senioren- en acht juniorenteams. In 1968 kreeg de vereniging een koninklijke goedkeuring. In het seizoen 1970-1971 bleek UDO een van de drie kanshebbers op het kampioenschap in de eerste klasse. Via een beslissingswedstrijd tegen DOSR werd dit kampioenschap bereikt, waardoor UDO na 33 jaar promoveerde van de eerste klasse van de afdeling Leiden naar de vierde klasse van de KNVB.

In 1970 werd ook een "Supportersvereniging UDO" opgericht. Deze vereniging heeft ontzettend veel activiteiten ondernomen. een van de meest opvallende was de totstandkoming van een tribune op het hoofdveld van "De Voscuyl". De officiële ingebruikname had plaats op 22 augustus 1973 door de burgemeester van Oegstgeest. Het damesvoetbal kwam ook in zwang. In het seizoen 1971-1972 ging de eerste echte competitie van start.

Plaats reactie

Beveiligingscode
Vernieuwen